Zeevogelbuffet beschermt de Zeeuwse kust

De Roggenplaat is een grote zandplaat in de Oosterschelde. Wat eruitziet als een kale vlakte, is in werkelijkheid een lopend buffet voor zeevogels. Bovendien beschermt de Roggenplaat de achtergelegen havens. Toen de plaat steeds langer onder water stond, besloot Natuurmonumenten dan ook om samen met Rijkswaterstaat het verloren zand aan te vullen. Hoe verliep dat proces? Wat is er geleerd van een programma als Natuurlijk Veilig?

Roggenplaat
Beeld: ©@RWS / Edwin Paree

Frans van Zijderveld is adviseur extern beleid bij Natuurmonumenten. Hij vertelt over de aanleiding voor de zandsuppletie op de Roggeplaat. ‘De afgelopen jaren werd de droogvalduur van de Roggenplaat steeds minder lang. Dat de zandplaat steeds langer onder water stond, ging ten koste van de kansen van vogels om er te foerageren of er uit te rusten, net als de zeehonden. De Roggenplaat is namelijk heel rijk aan voedsel. En daarmee cruciaal voor allerlei vogels uit de omgeving of als tussenstop op de voor- en najaarstrek tussen het noorden (broedgebied) en zuiden (overwinteringsgebied). In en om het water wemelt het van de schelp- en schaaldieren, kreeftjes en wormen. Op de langere termijn zouden de zandplaat simpelweg onder water verdwijnen. En daarmee dus deze belangrijke functie. Het was  tijd voor actie.’

Tweede functie

Actie ondernemen was des te urgenter vanwege de 2e belangrijke functie van de Roggenplaat: de waterveiligheid. ‘De zandplaat dempt de golfslag. De dijken aan de zuidkant van Schouwen-Duiveland krijgen zo minder te maken met golven. Hierdoor is onderhoud pas later noodzakelijk. Ook worden percelen van schelpdierenkwekers rond de zandplaat beschermd.’

Uiteindelijk startte in oktober 2019 de suppletie van 1,3 miljoen kuub zand op de Roggenplaat. Vooraf is veel aandacht besteed aan het beschermen van het rijke bodemleven van de zandplaat. Niet alleen wordt er gesuppleerd buiten het broedseizoen en zand gestort op plekken die het minst schadelijk zijn voor dieren; er zijn er ook hele populaties ‘getransplanteerd’. Frans: ‘We hebben bijvoorbeeld de kokkelbanken die op de suppletielocaties lagen, verplaatst. Zo blijft de hoeveelheid voedsel voor de vogels op peil.’

Stapje voor stapje suppleren

Frans: ‘We monitoren uitgebreid waar het zand naartoe gaat en suppleren op momenten die het meest gunstig zijn. Maar we hebben ook geleerd uit de eerdere suppleties. Nu weten we bijvoorbeeld dat het beter is het suppleren stapje voor stapje te doen, in plaats van een grote bult zand ineens. Ook weten we nu beter waar een suppletie het meest oplevert en het best blijft liggen. Uiteindelijk willen we de natuur zo veel mogelijk zijn werk laten doen.’

Welke kennis haalt Frans uit Natuurlijk Veilig, waar Natuurmonumenten ook deel van uitmaakt? ‘Dat is vooral procedurele kennis. Over vergunningsaanvraag, financiering en omgaan met de omgeving. Verder biedt het netwerk van Natuurlijk Veilig natuurlijk een aantal interessante ingangen voor ons. Dus het programma heeft voor ons zekere meerwaarde.’

25 jaar

De suppleties zijn rond kerst afgerond. Tot volle tevredenheid van Frans. De Roggenplaat kan er weer 25, en misschien wel 50 jaar tegenaan. ‘En daarmee zijn de dijken daarachter ook weer beschermd tegen de golfslag. Wij laten zien dat een natuurlijk verschijnsel heel verschillende doelen kan dienen. De zandplaat geeft ook een impuls aan de lokale economie. De excursies naar de Roggenplaat om er zeehonden en vogels te spotten, zijn populair. En tegelijkertijd profiteert de natuur. Die functies zitten elkaar hier dus niet in de weg, maar versterken elkaar juist!’